| Veel gestelde vragen |
|
Enkele vaak gestelde en minder vaak beantwoorde vragen op het raakvlak van 'professioneel' en 'persoonlijk'. Informatiemanagement ? In naslaglijsten over kennismanagement wordt mijn website steevast omschreven als "Beschouwingen over informatiemanagement en cognitieve processen". Ik heb geen idee hoe ze hieraan komen, behalve dat ze uit gemakzucht klakkeloos van elkaar overnemen: internet op zijn smalst. Maar sommigen die mijn website bekijken worden misschien nog wel meer in verwarring gebracht: is dit allemaal informatiemanagement? Het antwoord is, zoals zo vaak, 'ja en nee'. Ja. Lange tijd hebben we informatiemanagement vereenzelvigd met ICT-management. Maar ook nu we beter weten, reduceren velen 'informatie' tot datgene wat in een database kan worden opgeslagen. Een persoon is in deze visie, eenvoudig gezegd, niet meer dan de trits naam/adres/woonplaats en nog enkele andere klassificeerbare attributen. Deze reductionistische kijk is tot in de hoogste managementkringen doorgedrongen: 'detached' management op basis van abstracte gegevens is er het gevolg van. Luc Hoebeke noemt dergelijke managers abstracte kunstenaars. Ik opteer voor informatie als inspiratie. Hier hoort als vanzelfsprekend de poëtische kracht van het woord en de kunst bij. Informatie is datgene wat we met elkaar delen, en dat is ook in organisatorisch verband heel veel meer dan wat pseudo-traditionalisten onder het te managen begrip 'informatie' verstaan. Nee. We hebben onze wereld zo kunstmatig opgesplitst dat zelfs de elementaire activiteiten denken, voelen en doen in gescheiden leertrajecten zijn ondergebracht (respectievelijk wetenschappelijk, kunst- en beroepsonderwijs). Deze eindeloze opsplitsing van werkelijkheden in deelaspecten is onderdeel van het probleem, zoniet hét probleem zelf geworden: fragmentair heeft iedereen gelijk. ICT draagt in behoorlijke mate bij aan deze fragmentatie: 'narrowcasting' op microniveau is de volgende fase in deze ontwikkeling. De illusie dat je met één mono-discipline, ook al is dat informatie- management, de hele werkelijkheid zou kunnen vorm geven of zelfs maar verklaren, is bijgevolg efemeer. Lang leve diversiteit en gelijkwaardigheid van invalshoeken; ik probeer ze op mijn website een plek te geven. Dat de website hierdoor ook een samenspel van eigen werk en referentie naar dat van anderen is, vind ik mooi meegenomen. Het negenvlak ? Mijn naam zal wel altijd verbonden blijven met het zogenaamde "Amsterdamse negenvlak" voor informatiemanagement, hoezeer ik ook mijn best doe om het belang ervan te relativeren: het is niet meer dan een ordeningsschema waarbinnen vraagstukken van informatiemanagement kunnen worden gepositioneerd. Het zet, hopelijk, aan tot bewust nadenken over de "samenhang der dingen" en opent perspectieven op onderbelichte aspecten van ons vakgebied, met name het integrale inrichtingsvraagstuk en vooral de factor informatie en communicatie. Zolang we informatie niet in haar volle betekenis betrekken bij het richten, inrichten en verrrichten van organisaties en communicatie in haar volle rijkdom niet als de kern van organisatorisch handelen beschouwen, heeft informatiemanagement nog een hele weg af te leggen! Deconstructivist ? Ik krijg soms het verwijt te horen een deconstructivist te zijn. Dan gaat het meestal over mijn analyses van begrippen uit ons vakgebied zoals 'architectuur' of 'management' of van technologische verschijnselen zoals ERP of PowerPoint. Wat mij dan opvalt, is dat dit verwijt vrijwel altijd komt van personen die dezelfde begrippen of verschijnselen totaal ontdaan hebben van hun oorspronkelijke betekenis; wat men bijvoorbeeld door de bank genomen met 'informatie-architectuur' bedoelt, is een regelrechte persiflage op het begrip 'architectuur'. Wie is hier de deconstructivist en wie de reconstructivist? Ben ik een sociaal constructivist? Om te beginnen moet me van het hart dat tegenwoordig sommigen blijkbaar alles sociaal geconstrueerd vinden. Voorts interpreteer ik 'sociaal' vooral in de zin van 'in de praktijk geworteld': ik beschouw de rijk geschakeerde praktijk van de ontmoeting van personen als grondslag van organisatorisch en maatschappelijk handelen. In deze ontmoeting ontstaat betekenisgeving, een centraal concept in informatiemanagement. Misschien is 'praktisch constructivist' een betere aanduiding van mijn opvattingen. Ben ik een relativist? Niet als het betekent dat ik alles even-waardig zou vinden: ik geloof in onze verantwoordelijkheid, in termen van Herbert Simon, "to leave more possibilities open to future generations than we ourselves inherited". Wel in de betekenis van relatie-vist: ik probeer, door de jaren misschien iets wijzer geworden, zoveel mogelijk relaties te leggen tussen aspecten, invalshoeken en zienswijzen om zo tot een genuanceerder oordeel te komen. Maar of ik daar in slaag? Hoogleraar ? Ik vind hoogleraar het mooiste beroep op aarde: de combinatie van mensen mogen inspireren, in relatieve vrijheid je nieuwsgierigheid de vrije loop mogen laten, razend interessante mensen mogen ontmoeten en maatschappelijk relevante vraagstukken tot je natuurlijk aandachtsgebied mogen rekenen. Ik waardeer het als een geschenk. En toch was ik enige tijd geleden danig in de war toen Arjo Klamer mij de vraag stelde hoe ik mijzelf het liefst voorstel aan derden. "Hoogleraar" klinkt zonder bovenstaande uitleg in het huidige tijdsbeeld nogal pedant, zoiets als "notabele" op zijn Wim Kan's. Ik geloof dat ik er inmiddels uit ben: "hoogleerling". Ingenieur ? Schertsend zeg ik wel eens dat ik zo een lange titulatuur vóór mijn naam staan heb omdat ik zo een korte naam heb: samen vult dat toch enigszins de regel. Maar wie mijn visie op informatiemanagement leert kennen, vraagt me wel eens of ik niet erg ver ben afgedwaald van mijn oorspronkelijke opleiding, ingenieur. Dan bedoelen ze steevast de wereld van cijfers, formules en berekenbare werkelijkheden. Persoonlijk geloof ik dat ik de laatste tijd juist weer veel dichter bij de oorspronkelijke betekenis van 'ingenieur' ben komen te staan: niet de bestudeerder van een bestaande, al of niet in mathematische formules uit te drukken werkelijkheid, maar de vormgever aan een toekomstige wereld waar we met zijn allen verantwoordelijk voor zijn en waar de immateriële subwereld van informatie, kennis en inzicht een centrale plaats inneemt. Informatiemanagement is, alles wel beschouwd, een vormgevingsdiscipline! Economische faculteit ? Zonder enige andere economische opleiding dan een paar inleidende vakken, doceer ik niettemin aan een economische faculteit. Ik was er zelfs enige jaren decaan van! Als ik met pur sang economen al enige affiniteit heb, is het in de betekenis van economische, sociale, culturele en spirituele waarden. Met economen die het de facto alleen maar over welvaart en nooit over welzijn hebben, maar ook met economen die hun mathematische modellen van de werkelijkheid voor werkelijkheid nemen, voel ik geen enkele binding. Het leven kan soms eenzaam zijn... Persoonlijk of professioneel leren ? Als innovativiteit en creativiteit inderdaad zo belangrijk zijn voor organisaties als men voortdurend claimt, dan kan het niet anders dan dat de persoonlijke ontwikkeling van medewerkers de kern hiervan is. Er is iets mis met organisaties die hun personeel eerst in het strakke keurslijf van allerhande managementschema's leren denken en handelen, om ze vervolgens creativiteitstrainingen, ontmoetingen met kunstenaars etc. te laten volgen. Persoonlijk geloof ik in de intrinsieke samenhang van persoonlijk en professioneel leren, betekenisgeving en organisatorische activiteit. Geen van deze elementen kan achterblijven in een succesvolle organisatie van deze tijd. Belgie of Nederland ? Voor mij eigenlijk een overbodige vraag (en zeker op recepties en feestjes). Veel essentiëler is of je je eigen authenticiteit hebt kunnen bewaren, met open zin-tuigen voor wat waardevol is in de andere/het andere. Die vorm van 'apartheid' (in de betekenis van 'apart zijn') is me dierbaar, clichés die men op groepen mensen plakt daarentegen hoogst oninteressant. |
Ik vind hoogleraar het mooiste beroep op aarde: de combinatie van mensen mogen inspireren, in relatieve vrijheid je nieuwsgierigheid de vrije loop mogen laten, razend interessante mensen mogen ontmoeten en maatschappelijk relevante vraagstukken tot je natuurlijk aandachtsgebied mogen rekenen. Ik waardeer het als een geschenk.